25-10-2009

Bewust geeft rust.

“Het leven is een evolutie van bewustzijn. Dus vergroot je bewustzijn, leer jezelf zo goed mogelijk kennen en verbeter jezelf ieder moment; dát is het doel van je leven. Observeer jezelf, je acties, je denken, je lichaam. Maar identificeer je alleen met de observator, niet met hetgeen dat geobserveerd wordt.”
Poeh, dat is lastig... Want ik BEN mijn gedachten, ik BEN mijn emoties, ik BEN mijn ego, ik BEN mijn fysieke toestand. Om dat los te laten, om me daarvan de distantiëren, is een hele klus.
Maar als je als observator naar jezelf kijkt, dan bestaat pijn niet meer, dan bestaat verdriet niet meer, dan bestaat lijden niet meer. . En dat lijkt me wel wat. Ik kan hier gelukkig goed oefenen. Tijdens de yoga asana's in de ochtend leer ik mijn lichaam beter kennen. De poses zijn soms zwaar voor mijn stijve harkenlijf. Maar ik probeer me niet te identificeren met de pijn die ik voel. En dat gaat steeds beter. Ik sta op mijn hoofd (zonder muur inmiddels!) en neem afstand van de pijn in mijn nek, van enig ongemak in mijn schouders. En ik blijf staan. Hopla, met mijn voetjes in de lucht.
Tijdens de meditaties stromen mijn gedachten binnen. Ik laat ze komen, observeer kalmpjes en vaak verdwijnen ze dan weer. En als iemand op een manier reageert waar mijn haren van overeind gaan staan, dan bekijk ik die eerste emotionele reactie, neem waar en laat los.
Een ander goed voorbeeld van mijn persoonlijke evolutie vond afgelopen week plaats. Mijn hele leven heb ik namelijk al last van reisziekte. En niet zo'n beetje ook. Ik was dus best zenuwachtig voor de autorit naar de Himalaya's. Mijn lichaam werd tijdens het tripje dan ook ernstig op de proef gesteld. In een mini bus hobbelden we over slingerwegen vol gaten en heuvels. Soms stuiterde ik twee meter de lucht in. Mijn maag dreigde constant te kantelen. Gewoonlijk was ik in dat gevoel gaan zitten. En mijn denken was dan ook op tilt gegaan: ik word ziek! Ik word ziek!. Dit keer nam ik een stap terug van dat denken, de emoties en mijn fysieke toestand. En wat gebeurde er? Niets. Ik sliep. Geen misselijkheid, geen overgeven. Dat is consciesness, bewustzijn. Geloof me, ik ben er nog lang niet, heb slechts een dun laagje bewustzijn opgebouwd, maar ik vind het nu al bijzonder rustgevend. Bedankt Sri Aurobindo.

22-10-2009

Welkom in de hemel...






Mijn spoor op de berg.

Mijn vingers hangen zwijgend boven het toetsenbord. Ik kijk nog maar een keer uit het raam. Hoe omschrijf ik de mooiste plek op aarde? Hoe vertel ik dat ik opnieuw geboren ben? Welke woorden kunnen ooit de grootsheid van de Himalaya's halen? Ik doe een poging, maar weet nu al dat ik falen zal.

Spiritualiteit en de Himalaya's horen bij elkaar. Al eeuwen trekken Sadhu's, Sadhaks, Goeroes, Swami's en alles wat daar bijhoort de hoge bergen in. Een theorie hierover heb ik nog niet gehoord, maar nadat ik er geweest ben weet ik waarom. Voel ik waarom.
De reis begon in Badrinath, een heilige plaats waar de Ganges als azuurblauw lint doorheen stroomt. Vers van de bergen lijkt het water op dat van de Caribische zee. Glinsterend, helder, puur. Op het moment dat we aankwamen, vielen de eerste vlokken sneeuw van het jaar op onze verbaasde neuzen. En koude neuzen, want hier waren we natuurlijk niet meer aan gewend. Bardinath is een bijzondere plaats met een prachtige tempel. Deze bezochten we en daarna maakten we in de buurt een geweldige wandeling. Flinke stappen over harde paden, omringd door de hoogste bergen met besneeuwde toppen. De nacht doorbracht in een hotelletje en de volgende dag op weg naar Auly, waar een volgende wandeling op het programma stond. Een groenere variant dit keer. Weer andere
vergezichten, nieuwe indrukken. Voor de tweede keer met 'my sweet neighbour' op de kamer in een ander hotel. Weer een lange autorit; naar het gehucht Chopta dit keer. Vanuit dit mini dorpje is het mogelijk om naar boven te trekken. Een olijke muilezel bracht me de eerste twee kilometer hobbelend naar boven. De laatste twee deed ik te voet. Mijn longen vechtend met de ijle lucht, mijn benen vechtend met de steile helling. Maar mijn lichaam is moedig en bracht me veilig en gezond in Tunganat. Wat hutten die dienen als winkeltje of 'hotel' worden hier gerund door een groep mannen. 6 maanden per jaar vertoeven ze hier. Daarna komt de sneeuw en moet iedereen weg. Dit is over een paar dagen al, dus we hadden geluk. Het geluk staalde ons sowieso toe deze dag: de hemel was strakblauw en je kon tot in de verste verte alles zien. We bezoeken de kleine tempel die al meer dan 5000 jaar in deze rots bestaat. Hoeveel mensen moeten hier al geweest zijn. Hoeveel gebeden en meditaties zijn hier gedaan. Maar het letterlijk hoogtepunt moet nog komen... Een kilometer hoger is namelijk de top van de berg. Een kilometer met nog ijlere lucht, nog steilere paden. Ik hijg en zweet en ploeg. Als ik wat vlaggen zie wapperen en een klein tempeltje ontwaar, krijg ik een brok in mijn keel. Ik bereik de top en loop en kijk en adem zonder lucht. En dan is er nog maar een ding wat ik kan doen: huilen, huilen, huilen.
Ik huil en stamel zachtjes “thank you, thank you, thank you”. Bedankt dat ik hier mag zijn, dat ik dit mag zien. Bedankt lichaam, dat je me hier bracht, ondanks alles wat ik je heb aangedaan. Bedankt voor de bergen, de wolken, de zon. Bedankt voor deze ervaring, dit moment, deze plek. En vooral, vooral, vooral: bedankt dat ik leef.

Labels: , , ,

13-10-2009

Hobbels en kuilen.

Iedere dag bij het opstaan vraag ik me af wat er gebeuren gaat. Iedere dag is anders in de Ashram, iedere dag is een verrassing. Want het pad van spiritualiteit is een hobbelig pad. Met kuilen en putten. En mensen die voor dit pad kiezen, zijn bij voorbaat gedoemd wel een keer in zo'n kuil te vallen...
Neem F., een doorgaans uitgelaten, goedgemutste dame met een energie om jaloers op te zijn. Van de ene op de andere dag was ze totaal onaanspreekbaar. Het vuur in haar ogen was veranderd in ijs en haar hele lijf straalde misère uit. Alle bewoners liepen dagenlang in een grote boog om haar heen, bang voor een uitbrander of negatieve energie-uitstoot. Tot ze op een dag weer vol vuur aan het ontbijt verscheen. Stralender dan ooit. Ook S. bleek een verrassing in petto te hebben. Als ex- ballerina sleepte zij een eetprobleem met zich mee naar de Ashram. Drie korrels rijst en een lepel soep waren voor genoeg, vond ze. Haar wangetjes waren zo bleek en fragiel als porselein. Swamiji gaf haar af en toe een reep chocolade en sprak met haar als ze erom vroeg.
Dat is zijn methode: laat mensen door hun pijn heengaan tot ze de bodem raken. Help niet tenzij er om hulp gevraagd word. Niet pamperen, geen zelfmedelijden. Wacht af, geef het tijd. Laat de negatieve energieën hun werk doen. Ze zijn er om je te laten groeien, om interne blokkades te doorbreken.
Maar wat is dat moeilijk als je uit een land komt waar we gewend zijn alle problemen te analyseren en met therapeutisch inzicht te lijf te gaan! Ik heb hier nachtenlang wakker gelegen omdat ik me zorgen maakte om personen die het moeilijk hadden. Me afvragend hoe dit in vredesnaam ooit goed kon komen. Bang dat iemand van het dak zou springen of een hartaanval zou krijgen. Ik heb Swamiji zijn methode verfoeid, maar het blijkt iedere keer te werken. F. straalt weer, S. eet weer. En ikzelf heb inmiddels ook een onverwacht dieptepunt overleefd. Echt, op deze plek gebeuren vreemde dingen met mensen. Maar het zijn uiteindelijk altijd dingen die ons laten groeien.

03-10-2009

Ons Dorp.

Twee keer per dag rijdt de Aurovalley schoolbus op en neer naar het dorp om kindertjes van en naar school te vervoeren. Ongeveer dertig donkere koppies stuiteren op en neer in de banken en als iemand uitstapt, dan gaat dat gepaard met veel gezwaai en 'Bye, byeeeeeeeee!” geroep. Het kindje dat uitstapt heeft meestal een tas op zijn of haar rug dat stukken groter is dan hem- of haarzelf en dat is dan ook zo'n ontroerend schouwspel dat ik er spontaan tranen van in mijn ogen krijg. Mama, papa of een ouder broertje of zusje staat klaar om de kleine studiebol mee naar huis te nemen. Naast de kindjes vervoert de bus in de middag meestal ook een paar grote witte reuzen. De bewoners van de Ashram, dus. Want in Raiwala, ons dorp, doen we onze dagelijkse boodschappen. De rit duurt maar een kwartier en dan zijn we in het centrum.
Raiwala is bepaald geen lichtstad. Het is een doorsnee Indiaas dorp met veel gedoe: toeterende auto's, grote gaten in het wegdek, vuil op straat en stof, heel veel stof. Langs de weg vind je allemaal kleine winkeltjes die veelal hetzelfde aanbieden: telecom benodigdheden, voedsel, stoffen of huishoudelijke artikelen. Nou is dat gelukkig precies wat een doorsnee ashrambewonder nodig heeft op een gemiddelde doordeweekse dag. Het wandelingetje gaat dus van beltegoed via ijsje naar wc-papier om ten slotte bij de appels uit te komen (met gesmolten ijs op mijn kin).
Bij het beltegoed is het elke dag weer afwachten welke 'deal' de aanbieder heeft en ook de appels willen nog weleens van prijs verschillen. Gelukkig hebben veel producten, zoals wc-papier, een vaste prijs die op het artikel gedrukt staat.
Als je ergens langer bent, krijg je automatisch je vaste stekkies. Het ijsje wordt natuurlijk bij die lieve, oude meneer gekocht en het beltegoed vooral niet bij die ene winkel waar het zo lang duurt. Onderweg kom ik zelfs bekenden tegen: de familie van Mo, ouders van kinderen die ik Engelse les geef of gewoon een winkelier die me herkent van voormalige bezoekjes. Iedereen groet elkaar en wandelt rustig zijn of haar rondje. En dit is precies waarom ik het zo fijn vind hier 4 maanden te zijn: het gevoel echt ergens anders te wonen. Deel uit te maken van deze vreemde gemeenschap waar iedereen arm is, maar waar niemand klaagt. En ook al is dit een smoezelige plek waar weinig goed geregeld is en waar eigenlijk niet zoveel te beleven valt: dit is mijn dorp.